MenterMolenRoute 37 km.

37 kilometer.
Deze route voert u door de landschappen van middeleeuwse wegzanddorpen, van oude Dollardpolders (westelijk en noordelijk tot Froombosch) en van voormalige veenderijen. De dorpen lagen op vrijwel aaneengesloten smalle reliëfs, die naast de waterwegen eeuwenlang de enige handelsroute vormden tussen de stad Groningen en de Duitse staten. De bewoners hadden veel last van het water: de dreigende Dollard bij hoogwater en het veenwater. Met veendijken en zeedijken heeft men geprobeerd het water de baas te blijven. Zonder molens ging dat niet. Maar ook dienden molens voor het malen van zaden.

U fietst van het Woldoldambt, waarin Zuidbroek het bestuurlijk en juridisch middelpunt was naar de Woldstreek. De heer van Zuidbroek had een (verdwenen) borg bij Bovenburen. Het zal u opvallen hoe bebost deze streek is. Anders dan de verre horizonnen van het oostelijk liggende Oldambt. Dit romantische coulisselandschap begint eigenlijk al bij de kerk in Zuidbroek.

Molen NoordbroekIn de Woldstreek heerste een andere Jonker vanuit de Fraeylemaborg. Deze borg kunt u bekijken en wandelen en het prachtige landgoed achter de borg.
U passeert een aantal molens. Windmolens zijn in gebruik sinds de 12e eeuw, aanvankelijk als eenvoudige standerdmolen later als bovenkruier. De eerste Groninger pelmolen was in 1680.De molens die u ziet zijn bovenkruiers. Tot rond 1900 had elk dorp, hoe klein ook, meestal één of meer molens. De provincie Groningen had 1400 molens. Stoommachines maakten ze overbodig. Hardwerkende hobbyisten houden de molens in werking. Een molen die niet regelmatig draait vervalt. En dat zou ten nadele van het landschap zijn.

Deze route is -als de fietsknooppuntroutebordjes allemaal zijn geplaatst- ook te rijden als fietsknooppuntroute. 

Volg dan deze nummers (start en einde bij Station Zuidbroek)

28 - 64 - 65 - 66 - 10 - 48 - 46 - 35 - 14 - 9 - 65 - 64 - 28 

VoorbeeldweergaveBijlageGrootte
MenterMolenRoute.zip1.87 KB
© 2011 MenterAroute | Realisatie Grafisch bedrijf de Bruin - Zuidbroek. m